muzikale momenten, deel 3 – ‘Vader en Zoon’ (Eagles – New Kid in Town)

‘Vader en Zoon’

Op het moment dat de zoon leuk gaat vinden wat zijn vader al jaren waardeert, dan wordt hij een echte man. Die conclusie trok ik, toen ik onlangs het nummer New Kid in Town van de Eagles voorbij hoorde komen.

Eagles - Hotel California

Eagles – Hotel California

De song, afkomstig van het album Hotel California uit 1976 is het favoriete nummer van mijn vader. Mijn pa, nog immer groot Eagles-fan (naast de band overigens ook van de voetbalclub: what’s in the name!) draaide de desbetreffende lp vroeger erg vaak. Hij vertelde te pas en te onpas aan Jan en alleman dat New Kid in Town zijn favoriete nummer was.
Op een gegeven moment, kon het niet anders dan dat ik dat aalgladde (geen kritiek hoor, meer een feitelijke constatering) nummer ook ging waarderen. Al week onze smaak tegelijkertijd ook wel een beetje af. Wat mij betreft waren Life in the Fast Lane (een rauw nummer van nieuweling Joe Walsh) en The Last Resort (een epische song van Don Henley waaraan Glenn Frey uiteindelijk ook zijn compositorische bijdrage leverde) juist absolute hoogtepunten van de plaat. Laat me tegelijkertijd eerlijk zijn; in feite ging ik alle nummers van deze lp geweldig vinden. Zelfs dat enigszins grijsgedraaide titelnummer. Daarbij komt: het resultaat van dit best verkochte studioalbum van de Eagles is helemaal geweldig, wanneer je weet hoeveel bergen drugs Don Henley, Glenn Frey, Don Felder, Randy Meisner en Joe Walsh er op dat moment door heen snoven en rookten. De makers zelf waren klaarblijkelijk minder aalglad dan hun composities. Maar goed, ik dwaal af.

Onze 6-jarige zoon, gedraagt zich tegenwoordig een beetje hetzelfde, als ik indertijd. En ik gedraag me hetzelfde als mijn vader toen deed. Zo ben ik bijvoorbeeld nog altijd razend enthousiast over mijn roomwitte Kever uit 1983. Dat mogen Jan en alleman te pas en te onpas weten. Ook al is deze auto momenteel geschorst. Ook al vindt vrouwlief het momenteel een sta-in-de-weg. Ook al attendeert zoon Job me steeds vaker op die steeds groter wordende roestplekken aan de voorkant. Toch zie ik aan de andere kant dat zoonlief niet anders kan, dan deze krakkemikkige auto waarderen. Hij zit er graag in, hij zit er graag aan. Net zoals zijn vader.
Dat geldt tevens voor het draaien van lp’s. Nu al een grote hobby van Job. Als ik met hem thuis ben, mag hij ze vaak uitkiezen. Een mooi ritueel: ik loop met hem mee, til Job waar nodig op en geef hem daardoor steeds een willekeurige kijk op de platenkast. Job selecteert dan ‘geheel toevallig’. Feitelijk enkel naar aanleiding van de kleuren van de ruggen van de hoezen.
Soms komen daar ronduit verrassende opties uit. Leidde hij mij onlangs al naar de fantastische live-plaat van Ike en Tina (Olympia, Parijs, 1971), recentelijk kwamen er parels van de Tröckener Kecks, Sam & Dave, AC/DC, Camel, U2, Gary Numan (nee, ik schaam me hier niet voor) Stevie Wonder, The Smiths, Blondie, Wings, Pink Floyd (ik geef toe, hier stuurde ik zijn handje), Duran Duran, Roxy Music, Talking Heads, The Outsiders, (een symfonie van) Smetana, The Sound, Doe Maar en Van Halen voorbij. Wanneer de naald in de groef gezet wordt, blijkt uit de twinkeling in z’n ogen daadwerkelijk dat hij leuk vindt, wat zijn vader al jaren waardeert. Maar toen Job pas geleden, on top of it all, Hotel California van de Eagles uit de platenkast griste, werd onze eigen New Kid In Town in één klap een echte man. Met dank aan mijn eigen vader.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s